vrijdag 12 februari 2010

Indonesie: Sumatra en een stukje Java















Alles gaat hier in Indonesie 'slowly, slowly'. Er is in dat opzicht trouwens iets dat we ons ondertussen al vijf maanden afvragen: heeft het te maken met stress of zijn het de genen, maar er zijn hier nergens in Zuid-Oost-Azie kalende mannen (of vrouwen) te bespeuren...Lieve vrienden apotheek/ dokter/..., wij wachten op een antwoord ;-)

De Nederlandse invloed valt in deze ex-kolonie niet te negeren: er zijn de vele oud-koloniale Nederlandse gebouwen, velen kunnen een beetje Nederlands praten en de Indonesische taal zit vol overeenkomsten met de Nederlandse: koelkas, kantor, asbak, knalpot, handdoek,...
Het valt ons ook op dat de mensen hier meer Engels kunnen, veel meer geinteresseerd zijn in diegenen die hun land bezoeken en ook veel interactiever zijn, wat we eigenlijk wel leuk vinden, aangezien we zo meer te weten komen over hun manier van leven. De andere kant is dan wel dat je veel tijd moet vrijmaken voor scholieren die de bule's (toeristen) willen interviewen, met hen op de foto willen, enz.

Sumatra was dus onze eerste bestemming en het blijkt een waanzinnig mooi eiland met een grote variatie aan cultuur en natuur,...
Na de oversteek met de ferry vanuit Penang-Maleisie, zijn we vanuit Medang in Sumatra, samen met Simon en Tony (een Engelsman en een Ier) meteen verder doorgetrokken naar Bukit Lawang, een dorp aan de rand van de jungle, waar men o.a. een rehabilitatiecentrum voor Orang-Utangs heeft opgericht.

Een dag later trotseerden we de jungle tijdens een 2-daagse op zoek naar o.a. orang-utangs en djeezus: wat zijn dat imposante beesten! De manier waarop ze bewegen, je aankijken met een je m'en fou-houding, vervolgens wat fruit eten om tenslotte een nest te bouwen en zich daarin te nestelen is gewoonweg waanzinnig! Diegene die we gezien hebben, blijkt dan ook semi-wild te zijn, m.a.w. die hebben ooit voedsel gekregen via het rehabilitatiecentrum en hebben daar geleerd hoe te (over)leven in de jungle.
Het was echt wel de pittigste tocht die we totnogtoe gedaan hebben: met momenten supersteil stijgen en dalen, waarbij je jezelf soms zelf een aap waande, aangezien je je regelmatig aan de lianen moest vasthouden om niet te vallen. De rivier oversteken op weg naar de kampplaats was dan ook een welkome afkoeling, hoewel Bibie door de stroming bijna weggespoeld werd.

De vulkaan de Sibayak was het volgende fascinerende natuurfenomeen dat we in Sumatra bewonderden. Na een wandeling van een uur of twee stonden we bovenaan de krater, waar de zwavel je op bepaalde momenten bijna bedwelmde. De tocht naar beneden leek maar niet te eindigen, maar uiteindelijk kregen we de beloning voor dat harde werk :-) , namelijk een plons in warmwaterbronnen: genieten! Het was de moeite, maar het zal zeker onze laatste vulkaan niet geweest zijn in Indonesie...

Het Toba-meer is het grootste meer van Zuid-Oost-Azie , dus daar moesten we dan toch ook enkele dagen naar toe om uit te rusten van al dat reizen (hihi). Het is wel relaxed om vanuit je kamer uitzicht op dat meer te hebben en af en toe te gaan plonsen tussen de vissen, lekker te eten, eindelijk eens naar de kapper te gaan (daar moet je je niet te veel bij voorstellen: Tom zijn haar werd in de tuin van een restaurantje geknipt; er waren toch geen klanten voor het restaurant???) en nog wat meer op te trekken met Simon en Tony en overigens ook met Olaf en Indra, een Nederlands koppel dat we later nog vaak terug tegenkwamen. Het toeval wil dat Olaf tot voor hun reis op de Turnhoutsebaan woonde en dat ze beiden in juni op't Zuid komt wonen.

Wij hebben echt niks tegen moskees, maar wel als we, zoals in Bukettingi-onze volgende bestemming, elke ochtend om 5u zo hard beginnen te zingen alsof er een luidspreker naast je bed staat, zijn we er toch niet zo'n fans van. Vanuit Bukettingi hebben we vooral veel 'gebrommerd' in de groene omgeving, met o.a. de superknappe Harauvallei met watervallen, rotsen,enz. en het Maninjaumeer dat naar onze mening zelfs nog mooier was dan dat van Toba!
Met een klein ei in onze broek vertrokken we vervolgens richting Padang met het opzet een paar dagen aan de kust te verblijven en dan het vliegtuig naar Java-Jakarta te nemen. Dat ei vanwege de hoge kans op aardbevingen in die regio en onheilspellende berichten van een helderziende die de verschrikkelijke aardbeving in oktober 2009 ook voorspeld had, dat er net op een van die dagen dat wij er waren nog een aardbeving zou plaatsvinden. Gelukkig is er van geen schokken sprake geweest-oef.
Het was wel miserabel om al die toegetakelde gebouwen/ huizen/...te aanschouwen; echt zielig! Het strand bleek ook geen voltreffer, want het was heel erg vervuild en als vrouw word je toch echt wel heel hard aangestaard langs de kustlijn, dus daar hebben we dan maar voor bedankt!

Voila, ons eerste eiland zat er op en we waren en zijn er nog steeds laaiend enthousiast over: Sumatra is geweldig!

Momenteel zitten we in Yogyakarta vooraleer we morgenvroeg voor een aantal dagen naar Singapore trekken omwille van een nieuwe visumaanvraag. Het was toch even aanpassen aan de drukte en het toerisme na Sumatra. Mensen klampen je hier aan, omdat ze je per taxifiets willen rondrijden of omdat ze perse de kunstgallerie van de een of andere willen laten zien, waarbij je zal zien dat het altijd net dan de laatste dag is dat er promoties zijn-hahaha! Daar trappen we na vijf maanden weinig hersenactiviteit toch nog niet in!
We hebben in Yogyakarta vooral genoten van het zalige zwembad van ons hostel, wat markten bezocht (voor de verandering), de Borobodurtempel opgeklommen, rondgeslenterd,enz.

Na Singapore staan de Gilli-eilanden in Lombok, Bali (jiha, surfen of toch tenminste een poging doen tot) en terug een deel Java op het programma vooraleer we de 25ste maart op het vliegtuig richting Europa stappen!

Tot snel!

Liefs,

Tom en Bie

PS: Hoe zit het ondertussen met de Kegel; al kampioen? :-)








Geen opmerkingen:

Een reactie posten